logo seewarring

Meters overhoogte deltadijken voor zeestijging terugverdienen

Stormvloedramp 1953 door hem niet eenvoudig hebben (willen) voorkomen

De stormvloedramp van 1953 inspireerde tot het verloren vertrouwen in de destijdse zeedijkjes herstellen. Daar is sterk aan bijgedragen door als rijkswaterstaat tot 1961 met de publicatie van zijn stormvloedverslag (mogen) wachten. Dat werd mijn verklaring voor als Tweede Kamer in 1958 (kunnen) besluiten tot bij Deltawet voor de Zeeuws/Hollandse delta verplichten wat ±1948 kort na het verschijnen van de eerste deltadijken en -dammen Deltaplan ging heten, d.w.z. in na­volging van de afdamming van de Zuiderzee de dijklengte zoveel mogelijk verkorten met tevens als verkeersweg functionerende afdammingen. Plus in 1969 instemmen met de kostenvergoeding voor de waterschappen van 75% tot 100% verhogen, leidde helaas tot allemaal hun kustverde­diging volgens de deltanorm van het Deltaplan extreem gaan overdimensioneren.

Eerdere startversies:
De stormvloedramp van 1953 inspireerde tot het verloren vertrouwen in de destijdse zeedijkjes herstellen. Ondermeer rijkswaterstaat door tot 1961 met de publicatie van zijn stormvloedverslag (mogen) wachten. Daardoor als Tweede Kamer in 1958 niet gehinderd door kennis van de daarin staande doorbraakverklaring etc., werd mijn verklaring voor toen hebben kunnen besluiten tot bij Deltawet voor de Zeeuws/Hollandse delta verplichten wat ±1948 kort na daar verschijnen van de eerste deltadijken en -dammen Deltaplan ging heten, d.w.z. in navolging van de afdamming van de Zuiderzee de dijklengte zoveel mogelijk verkorten met tevens als verkeersweg functionerende afdammingen. En door in 1969 hebben kunnen instemmen met de kostenvergoeding voor de waterschappen van 75% tot 100% verhogen ze allemaal doen kiezen voor hun kustverdediging volledig op rijkskosten volgens de deltanorm van het Deltaplan extreem overdimensioneren.

De stormvloedramp van 1953 kreeg een vuistdik verslag van rijkswaterstaat. Dat die de publicatie tot 1961 uitstelde, lijkt op regeringsniveau te zijn afgesproken. Dat in het belang van herstellen van verloren vertrouwen in de destijdse zeedijkjes én van rijkswaterstaat doen ontkomen aan het verwijt die ramp te hebben geriskeerd door in navolging van de afdamming van de Zuiderzee voor de Zeeuws/Hollandse delta hebben besloten tot ook daar de dijklengte zoveel mogelijk verkorten door met verkeerswegen gecombineerde afdammingen. Daardoor als Tweede Kamer dat verslag in 1958 nog niet hebben, werd mijn verklaring voor (kunnen) besluiten tot bij Deltawet verplichten wat bij het begin van zijn uitvoering kort na de oorlog Deltaplan ging heten. En mijn verklaring voor alle waterschappen hebben verleid tot eveneens volgens de deltanorm extreem overdimen­sioneren door de kostenvergoeding in 1969 van 75% tot 100% verhogen.

De stormvloedramp van 1953 kreeg een vuistdik verslag van rijkswaterstaat. Maar die wachtte tot 1961 met publiceren zoals vooral voor herstel van verloren vertrouwen in de destijdse zeedijkjes op regeringsniveau was afgesproken. Daardoor niet gehinderd door kennis van de daarin staande doorbraakverklaring , kon de Tweede Kamer in 1958 besluiten tot het ±1948 door rijkswaterstaat voor de Zeeuws/Hollandse delta begonnen Deltaplan bij Deltawet verplichten. En doordat de aan­vankelijke 75% kostenvergoeding in 1969 tot 100% werd verhoogd, gingen bovendien alle water­schappen hun kustverdediging volgens de deltanorm van het Deltaplan dimensioneren. Met als extreem overdimensionerend gevolg dat heel Nederland na de afdamming van de Zuiderzee een kustverdediging kreeg waarbij de dijklengte verkorten door met verkeerswegen gecombineerde afdammingen voorop stond.

De stormvloedramp van 1953 toonde met een paradox dat hij eenvoudig had kunnen worden voorkomen. Dat door zijn doorbraken vrijwel beperkt houden tot waar de windluwe kant van de Zeeuws/Hollandse eilanden nog de dijkbouwwijze had van toen zeestijging nog (vrijwel) niet bestond, daardoor voor die kleiloze kant "salichheijt hangt aen de hoochte" als dijkprofilering aanbevelend voor volstaan met een binnenkant van plaatselijke (zavel)grond in plaats van elders "dure" bekledingsklei halen. Maar als politici willen bijdragen aan herstellen van het door de ramp verloren vertrouwen in de destijdse zeekeringen, deed op regeringsniveau met rijkswaterstaat afspreken de publicatie van zijn stormvloedverslag tot 1961 uitstellen. Met als bedoeld gevolg dat de Tweede Kamer in 1958 door onbekendheid met de daarin staande doorbraakverklaring voor de Zeeuws/Hollandse delta besloot tot het daar ±1948 door rijkswaterstaat begonnen Deltaplan bij Deltawet verplichten. Plus in 1969 instemmen met meedoen voor de waterschappen financieel zo aantrekkelijk mogelijk maken door de kostenvergoeding van 75% tot 100% verhogen.

Rijkswaterstaat riskeerde de stormvloedramp van 1953. Want die liet zich helaas door mondiaal bewonderen van Lely's afdamming van de Zuiderzee (1932) inspireren tot overeenkomstig ver­sterken van de Zeeuws/Hollandse delta, d.w.z. ook daar zoveel mogelijk dijkverkorting door af­dammen combineren met wegverbindingen (tussen de eilanden) maken. Als keuzemogelijkheid aanwezig doordat minister Lely in 1916 aan de windluwe kant van die binnenzee opgetreden —door zeestijging na overlopen van binnenuit begonnen— doorbraken ten gunste van zijn politiek toegezegde afdamming had verklaard. Die mogelijkheid zou rijkswaterstaat niet hebben gehad als Lely ze naar behoren met ontbreken van een kleibekleding op de binnenkant had verklaard. En zou zich 37 jaar later geen herhaling van dat eenvoudig voorkombare type dijkdoorbraak met rampzalige gevolgen aan de windluwe kant van de Zeeuws/Hollandse eilanden zijn gebeurd.. Dat de gevolgen voor ons land een gepasseerd station maakten van volstaan met de bij onze ooster­buren behouden eenvoudige remedie, leidde tot op regeringsniveau afspreken rijkswaterstaat tot 1961 met de publicatie van zijn stormvloedverslag laten wachten.

De stormvloedramp van 1953 toonde dat hij eenvoudig had kunnen worden voorkomen. Direct door doorbraakvrij gebleven zijn met het tot dan langs de gehele Fries/Friesische kust toegepaste dijkprincipe. En indirect door het vooral door zeestijging veroorzaakte —na overlopen van binnen uit begonnen— type dijkdoorbraak tot de windluwe kant van de Zeeuws/Hollandse eilanden beperkt gebleven zijn. Maar terwijl de Duitse kant van die (terpen)kust wel logisch doorging met de toepassing en daarmee de kennis van vorenbedoeld dijkprincipe, deed de Nederlandse kant het tegengestelde door op regeringsniveau afspreken rijkswaterstaat tot 1961 met de publicatie van zijn stormvloedverslag laten wachten.

De stormvloedramp van 1953 speelde de indrukwekkende deltadammen en -dijken van het ±5 jaar eerder in Zeeland begonnen Deltaplan in de kaart. Vooral met op regeringsniveau afspreken rijkswaterstaat tot 1961 laten wachten met de publicatie van zijn stormvloedverslag. Daardoor in 1958 nog onbekend met de in dat verslag staande doorbraakverklaring, werd mijn verklaring voor toen als Tweede Kamer voor het Zeeuws/Hollandse deltagebied hebben kunnen besluiten tot bij Deltawet dimensioneren volgens de deltanorm verplichten, d.w.z. uitgaande van Lely's oorzaak en gevolg verwisselende doorbraak­verklaring van in 1916 aan de windluwe west- en zuidkant van de Zuiderzee door zeestijging, na overlopen van binnenuit ontstane dijkdoorbraken. Plus in 1969 hebben kunnen goedkeuren daaraan meedoen voor de waterschappen onweerstaanbaar te maken door de kostenvergoeding van 75% tot 100% verhogen.

De stormvloedramp van 1953 etaleerde dat hij er niet was geweest als heel Nederland het tot dan langs de gehele Fries/Friesische kust toegepaste, enkel aan de Duitse kant behouden dijkprincipe had gehad. Maar de windluwe annex kleiloze kant van de Zeeuws/Hollandse eilanden had helaas nog de dijkbouwwijze van toen vrijwel ontbreken van zeestijging met "salichheijt hangt aen de hoochte" volstaan met plaatselijke (zavel)grond voor de binnenkant deed aanbevelen in plaats van elders "dure" bekledingsklei halen. Want na de afdamming van de Zuiderzee in 1932 besloot rijkswaterstaat voor de Zeeuws/Hollandse delta door te gaan met wat minister Lely betreffende in 1916 door zeestijging aan de windluwe west- en zuidkant van die binnenzee na overlopen van binnenuit ontstane doorbraken gedaan kreeg, d.w.z. de dijklengte zoveel mogelijk verkorten met tevens als verkeersweg functionerende afdammingen.

De stormvloedramp van 1953 etaleerde dat hij zou zijn voorkomen als de gehele Nederlandse kust het tot dan langs de gehele Fries/Friesische kust toegepaste, maar alleen aan de Duitse kant behouden dijkprincipe had gehad. Met als benaming "flache oder platte Deiche" (citaat 1723) behielden onze oosterburen daarmee een dijkbouwwijze die stoelt op eeuwen —volgens mijn terpenverklaring millennia— praktijkervaring met vrijwel jaarlijks overlopende kaai(dijk)en. Aan de Nederlandse kant van die (terpen)kust daarmee doorgaan, zou in vergelijking met het volledig door het rijk betaalde Deltaplan niet alleen hebben betekend als waterschappen met meters lagere asfaltloze zeedijken volstaan, maar bovendien afzien van de Lauwerszee afdammen.

De stormvloedramp van 1953 etaleerde dat hij eenvoudig had kunnen worden voorkomen. Dat door vrijwel alleen doorbraken aan de windluwe kant van de Zeeuws/Hollandse eilanden tonen. Die waren niet ontstaan als ook daar de dijkbouwwijze van de (zwaarder aangevallen) Fries/Frie­sische kust was geweest. Dan zou de binnenkant een bekledingslaag(je) elders gehaalde "dure" klei hebben gehad i.p.v. kostenbesparend nog geheel uit plaatselijke (zavel)grond bestaan zoals toen nog (vrijwel) geen zeestijging bestond voor die nauwelijks aangevallen kleiloze kust met "salichheijt hangt aen de hoochte" als profilering was aanbevolen. En mede door minder steil maken, door vrijwel hellen zoals de binnenkant van een huidige deltadijk, zou die eenvoudig overloopsterk genoeg zijn gemaakt voor 37 jaar na 1916 voorkomen dat ons land een rampzalig uitpakkende herhaling kreeg van na overlopen van binnenuit ontstane dijkdoorbraken aan de windluwe west- en zuidkant van de Zuiderzee door zeestijging toen niet als oorzaak (willen) zien.

Andere lettergrootte
Verbeterd of nieuw
Webstek-/Sitemap ▶


§ 1