De stormvloedramp van 1953 speelde in de kaart van het ±5 jaar eerder door de rijkswaterstaat in navolging van Lely's indrukwekkende afdamming van de Zuiderzee voor het Zeeuws/Hollandse deltagebied begonnen Deltaplan, een afdamming vooropstellende kustverdediging door waar mogelijk de dijklengte verkorten. Door uitbreiding tot heel Nederland het verloren vertrouwen in de destijdse zeedijken kunnen herstellen, deed politiek tot 100% kostenvergoeding voor de waterschappen besluiten en het bij Deltawet daartoe verplichten kennelijk bevorderen door de rijkswaterstaat te vragen zijn stormvloedverslag niet eerder (dat werd 1961) te publiceren. Met als gevolg dat alle waterschappen het tegengestelde deden van wat ze voor hun verzelfstandiging tot 4e bestuurslaag beloofden over behouden van Nederlands eeuwen ervaringskennis op dijkbouwgebied. Want door zich te laten omkopen tot meedoen met het Deltaplan, verloor onze kant van de Fries/Friesische kust het dijkprincipe dat die gehele terpenkust doorbraakvrij had gehouden en aan de Duitse kant daarvoor benut bleef.