VoordelenNadelen
Kegen behielden hun grote vruchtbaarheid dankzij vrijwel jaar­lijks opslibben; ontbreken daarvan bij kiezen voor hogere (akker- of wal-)dijken deed de vruchtbaar­heid jaarlijks minder worden tot die na enkele eeuwen even slecht als op zandgronden was
Door die opslibbing meegroeien met de stijging van het zee­niveau geen verslechteren van de terreinhoogte qua afwatering
Een keeg maken plus voor ter plaatse wonen een terp vroeg veel minder werk/grondverzet dan nodig voor een wonen op terreinhoogte mogelijk makende waldijk
Op terpen wonen was veiliger dan op terreinhoogte achter dijken omdat zelfs voldoende overloopbestendige 'bruch­sichere' dijken konden doorbreken waar ze op het slik van vroegere geulen e.d. konden wegschuiven
Flexibel reageren op aantasting van voorland en dijkvoet dankzij geringere investering
Minder veeziekten (leverbot, horzels)
Zolang nog geen (molen)bemaling mogelijk was en daardoor geen verbouw van wintergewassen: vrijwel elk stormseizoen enkele dagen blank staan van de keeg met dan geïsoleerdheid van bewoning
Vanaf de komst van molens (begin 15e eeuw):   tevens geen verbouw van wintergewassen en betr. zomergewassen een kleiner bouwplan en kleinere opbrengsten met het risico van toch overlopen van een zomerkade en dan vrijwel totale vernieling van gewassen (overigens sindsdien met minder woonvoordeel omdat inmiddels bestaan van herfst- en voorjaarstormen kerende dijken de mogelijk biedt de voor zomerpolderen nodige opstallen binnendijks te plaatsen in plaats van op verhoogde erven binnen de zomerpolder).

Aanwijzingen voor terpen opwerpen geïnspireerd zien door wat kaai(dijk)en agrarisch deed ervaren